Neerlandistiek — Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Die Queste vanden Grale als feuilleton

23 mei 2026 · Willem Kuiper
Vignet bij Die Queste vanden Grale

Vandaag, zaterdag voor Pinksteren, omstreeks 3 uur in de middag, maar dan wel 1529 jaar geleden, begon de zoektocht naar de heilige Graal, zoals beschreven in La Queste del saint Graal, een a-typische vroeg 13e-eeuwse Franse prozaroman die ingebed is in de Lancelot-Graal-cyclus. A-typisch, omdat de ridderlijke normen en waarden die de Artur-wereld domineren in de Lancelot en prose hier van generlei waarde zijn, ja zelfs contraproductief, om de heilige Graal te zoeken en te vinden.

In de Lancelotcompilatie (KB Den Haag 129A10) is een verkorte bewerking opgenomen van een oudere Middelnederlandse, vermoedelijk woord-voor-woord vertaling. In wat inmiddels aanvoelt als een vorig leven heb ik het op mij genomen deze tekst te editeren voor de reeks Middelnederlandse Lancelotromans. Al weer jaren geleden heb ik mijn editie ingeleverd. Maar het kan nog jaren duren voordat mijn editie gepubliceerd zal worden. Daar kan en wil ik niet op wachten. Tegen die tijd ben ik of blind of dood of allebei. Ik heb daarom besloten, nu ik het nog kan bekijken, een director’s cut-editie te bezorgen van Die Queste vanden Grale, waarin ik deze roman optimaal presenteer en mij daarom niet houd aan alle regels van de reeks.

In het handschrift 129A10 is een corrigerende hand zichtbaar die zich ook bemoeid heeft met de tekst van de Queste. Willem Jonckbloet, die deze Queste eerder uitgaf in zijn editie van de gehele Lancelotcompilatie, negeerde deze corrector, wat mijns inziens een verstandige beslissing was. In de reeks Middelnederlandse Lancelotromans echter worden de teksten geëditeerd zoals zij door de ‘corrector’ bewerkt werden. Over zijn werkzaamheden in de overige teksten binnen de codex heb ik geen mening, maar zijn weglatingen, toevoegingen en veranderingen in de Queste maken de tekst er zeker niet beter op, ook omdat ze, behalve aan het slot, aantoonbaar niet berusten op kennis van de brontekst. Het is zinniger om wat er nog over is van de oorspronkelijke Middelnederlandse (Brugse?) vertaling te editeren zoals hij door kopiist B geschreven werd. Maar omwille van de reeks vermeld ik alle ingrepen van de ‘corrector’ letterlijk en woordelijk in het voetnotenapparaat.

De oorspronkelijke Middelnederlandse vertaling heeft nogal te lijden gehad onder de bekortingen van de compilator. Om Die Queste vanden Grale goed (genoeg) te kunnen begrijpen heb je als lezer voor de details en nuances synoptische Franse ‘ondertitels’ nodig. Maar welke? In de overleveringsgeschiedenis van La Queste del saint Graal ontbreken de oudste handschriften, vrijwel zeker omdat die niet geïllumineerd waren. De boekgeschiedenis leert dat handschriften die verlucht waren met miniaturen een veel grotere overlevingskans hadden dan sobere boeken zonder plaatjes. Ik heb gekozen voor de editie-Pauphilet van La Queste del saint Graal om daarmee de Middelnederlandse versie te vergelijken. Niet omdat de Middelnederlandse vertaling daarbij het nauwst aansluit, maar omdat de editie-Pauphilet het dichtst op de auteurstekst zit, gedigitaliseerd en rechtenvrij is. Daarnaast heb ik gebruik gemaakt van de edities bezorgd door H. Oskar Sommer en Fanny Bogdanow. De laatste is de meest recente en bevat een synoptische vertaling in modern Frans. De editie-Sommer is ook rechtenvrij, maar diplomatisch en daardoor lastiger leesbaar dan de glasheldere, kritische editie van Pauphilet. De Middelnederlandse vertaler lijkt een handschrift gebruikt te hebben dat veel weg gehad moet hebben van een handschrift dat Sommer in zijn voetnoten G noemt.

Een derde afwijking ten opzichte van wat in de reeks gebruikelijk is, betreft de beginletter van elke versregel. In de reeks begint elke versregel met een hoofdletter. Ik heb met deze gewoonte gebroken en zet alleen dan een hoofdletter aan het begin van de versregel als daar een zin begint, of als het om een eigennaam gaat. De tekst die door het beperkte rijmwoorden repertoire van de compilator meer struikelt dan danst, wordt er zo alleen maar begrijpelijker op.

In de officiële inleiding zal ik links en noten opnemen. In deze geïmproviseerde inleiding voor Neerlandistiek op zolder volsta ik met te melden dat ik bij het maken van deze editie substantieel geholpen ben door het commentaar van Amand Berteloot, historisch taalkundige, en door Inge Van Outryve voor wat betreft consequent editeren, interpunctie, spelling en woordverklaring. Kopiist B is een versregelrechte ramp voor een editeur, en niet alleen omdat hij soms de v en de w met elkaar verwisselt, soms de slot-t weglaat en soms de slot-n toevoegt of weglaat, waardoor een enkelvoudig onderwerp een meervoudig gezegde krijgt of andersom. Omdat de oorspronkelijke Middelnederlandse vertaling in puur Vlaams geschreven werd en de compilator een (West-)Brabander was, kent de tekst tal van dialectconflicten, die kopiist B uit de weg ging door alles af te korten wat afkortbaar was, het daarmee aan een volgende kopiist of editeur overlatend hoe een woord voluit te schrijven. Overeenkomstig een regel van de reeks cursiveer ik afkortingen die arbitrair zijn. Dankzij Ben Salemans heb ik een complete digitale editie van de Lancelotcompilatie op mijn PC staan, en die heb ik intensief geraadpleegd in combinatie met foto’s van het handschrift (online te vinden in de Lijst van gedigitaliseerde Middelnederlandse handschriften en drukken in binnen- en buitenlandse bibliotheken) om de meest waarschijnlijke voluit geschreven vorm(en) te vinden.

Tot slot, La Queste del saint Graal borduurt voort op een eerdere roman in de Lancelot-Graal cyclus: L’Estoire del saint Graal. Als u echt wilt doordringen in deze Queste moet u eerst de geschiedenis van de heilige Graal lezen, bij voorkeur in de editie-Sommer, vindbaar op de website Internet Archive.

❦   ❦   ❦

Hoofdstuk 1

Queste_vanden_Grale_Directors_cut_01.pdf (KANTL Bouwstoffen)

← Terug naar Neerlandistiek op zolder