mijnheer de rector magnificus, geachte toehoorders!

Het zou voor mij gemakkelijk zijn om mijn rede op deze manier voort te zetten, maar ik ben bang dat u dit weinig op prijs zou stellen. Ik gebruik daarom een hopelijk wat toegankelijker vorm van Nederlands. Die taal heeft voor mij als spreker het nadeel dat hij wat moeilijker uit te spreken is. Daar staat tegenover dat u als luisteraar hem hopelijk wat beter verstaat.

[taal is een compromis]